Verklaring van de directie

Het directieverslag geldt als bestuursverslag in de zin van artikel 391 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

In overeenstemming met best practice bepaling 1.4.3. van de Code en onder verwijzing naar het directieverslag en de daarin opgenomen risicoparagraaf verklaart de directie, dat:

i. het verslag in voldoende mate inzicht geeft in tekortkomingen in de werking van de interne risicobeheersings- en controlesystemen;

ii. voornoemde systemen een redelijke mate van zekerheid geven dat de financiële verslaggeving geen onjuistheden van materieel belang bevat;

iii. het naar de huidige stand van zaken gerechtvaardigd is dat de financiële verslaggeving is opgesteld op going concern basis; en

iv. in het verslag de materiële risico’s en onzekerheden zijn vermeld die relevant zijn ter zake van de verwachting van de continuïteit van de vennootschap voor een periode van 12 maanden na opstelling van het verslag.

Hierbij wordt aangetekend dat het voorgaande niet betekent dat dit systeem en deze procedures de absolute zekerheid geven dat de operationele en strategische doelstellingen van Ajax worden gerealiseerd en evenmin dat deze alle onjuistheden, slordigheden, fouten, fraude, niet naleving van toepasselijke wet en regelgeving zouden kunnen voorkomen. Voor een meer gedetailleerde beschrijving van het risico beheer systeem en de voornaamste geïdentificeerde risico’s wordt verwezen naar de risicoparagraaf.

In overeenstemming met artikel 5:25c paragraaf 2 sub c van de Wet Financieel Toezicht bevestigt de directie naar beste weten dat de jaarrekening 2020-2021 een getrouw beeld geeft van de activa, de passiva, de financiële positie per 30 juni 2021 en het resultaat over het boekjaar 2020-2021; en dat het directieverslag een getrouw beeld geeft van de toestand op de balansdatum (30 juni 2021), de gang van zaken gedurende het boekjaar 2020-2021 van de vennootschap en dat in het directieverslag de wezenlijke risico’s waarmee Ajax wordt geconfronteerd, zijn beschreven.

Amsterdam, 29 september 2021

Edwin van der Sar
Susan Lenderink
Marc Overmars
Menno Geelen