Voorwoord

Na het voortijdig afgebroken seizoen 2019-2020, was het voor ons in de zomer van 2020 om meerdere redenen spannend of wij het seizoen zouden kunnen beginnen. En als we al zouden beginnen: volgens welk protocol? Geen publiek? Beperkt publiek? In ieder geval een seizoen waarin de wedstrijd om de Johan Cruijf Schaal niet zou worden gespeeld.

Pas half september ging de Eredivisie toch van start. Wat volgde was een bomvol seizoen waarin ons eerste elftal van het ene lege stadion naar het andere trok. Ook de competities van de Ajax Vrouwen en van Jong Ajax mochten doorgang vinden ondanks de coronacrisis. De spelers en de medewerkers rondom deze drie teams ondergingen maandenlang meerdere coronatests per week. Als gevolg van de avondklok reisden spelers- en stafleden wekenlang in bezit van werkgeversverklaringen van en naar hun wedstrijden, wat van iedereen een behoorlijk aanpassingsvermogen vergde.

Ondertussen werkte onze organisatie voor het overgrote deel vanuit huis. Er werd tevens een strikte scheiding aangebracht tussen jeugd en betaald voetbal. Alles om te voorkomen dat het coronavirus zich bij Ajax zou verspreiden. Het hoofdgebouw van de Toekomst was dit seizoen louter toegankelijk voor Ajax 1, Jong Ajax en de Ajax Vrouwen. Ik heb het woord ‘bubbel’ vaker gehoord dan me lief was. De jeugdteams, die geen competitie speelden maar wel trainden en onderlinge duels uitvochten, brachten hun tijd door op andere velden en in andere ruimtes. Ik heb veel respect voor de manier waarop collega’s van onze jeugdopleiding en de spelers met deze situatie zijn omgegaan. Het was een moeilijke situatie die op meerdere vlakken weerslag heeft gehad op de ontwikkeling van deze groep Ajax-talenten. De selectiefoto die vorige zomer van Ajax 1 werd genomen, vanuit de hoogte met alle spelers staand en op afstand van elkaar, is een blijvende herinnering aan hoe afwijkend het afgelopen seizoen is geweest.

Wat ik niet onvermeld kan laten is het afscheid van Klaas Jan Huntelaar, een van onze zeer gewaardeerde spelers. Dat hij zijn andere geliefde club FC Schalke 04 ging helpen in de strijd tegen degradatie, is begrijpelijk. Als ervaren en beslissende speler zullen we hem wel erg gaan missen. Kort voor zijn afscheid kochten wij Sébastien Haller van West Ham United FC en terwijl de buitenwacht veel aandacht aan de recordtransfersom van EUR 22,5 miljoen besteedde, heerste bij ons blijdschap en vertrouwen dat deze beoogde spits ons verder zou gaan helpen met de ontwikkelingen van Ajax op het veld.

Op sportief gebied maakten onze prestaties in Nederland indruk. In de UEFA Champions League kwamen we in een poule met Liverpool FC, Atalanta Bergamo en FC Midtjylland over zes duels helaas te kort voor de belangrijke tweede plek. Het waren in zekere zin bizarre wedstrijden en trips. Aan de ene kant heerste blijdschap dat er gevoetbald kon worden. Aan de andere kant kwam er organisatorisch enorm veel bij kijken om Ajax 1 veilig en volgens de internationale regels en maatregelen door Europa te krijgen. Dat er in een leeg Anfield, het duel Liverpool FC – Ajax werd gespeeld, was voor ons allemaal toch wel een zeldzame teleurstelling. De club en onze fans hadden er echter mee te dealen.

Na de winterstop gingen we, als gevolg van die derde plaats, verder in de UEFA Europa League waar we op overtuigende wijze BSC Young Boys en Lille OSC uitschakelden. Het Europese avontuur eindigde vervolgens na duels tegen AS Roma. Ondanks dat we onze sportieve doelstellingen wisten te behalen was dit voor iedereen een flinke teleurstelling.

Met tegenstanders als FC Utrecht, AZ, PSV en sc Heerenveen beleefden we in het bekertoernooi een zwaar maar mooi seizoen. Het kwam de ontwikkeling van ons team ten goede. Erik ten Hag en zijn staf zorgden ervoor dat we progressie maakten in die volle en spannende weken. Als fantastische afsluiter wonnen we overtuigend de landstitel, onze vijfendertigste. Met het verslaan van SBV Vitesse in De Kuip kroonden we ons bovendien voor de twintigste keer tot bekerwinnaar.

Nadat we de dubbel wonnen, werd het contract met Erik ten Hag opengebroken en verlengd. Ander mooi nieuws was dat hoofdsponsor Ziggo tussentijds de samenwerking verlengde met een jaar. Ondanks de coronacrisis was er, mede dankzij onze sportieve prestaties, op cruciale gebieden rust in de organisatie.

In dit jaarverslag ligt de nadruk op de financiële prestaties als gevolg van de omstandigheden. Op deze plek wil ik daarom extra stilstaan bij het gemis van de toeschouwers op de tribunes. Voor hen doen we het immers allemaal. Ondanks dat we op vele manieren steun voelden vanuit al onze stakeholders, hebben we de mensen in het stadion echt gemist. En wij weten dat dit wederzijds is. De thuiswedstrijd tegen AZ, waar voor het eerst sinds maanden 7.500 toeschouwers bij aanwezig mochten zijn, deden ons dit gemis extra beseffen.

Als blijk van waardering voor de support hebben wij de 35e landstitel aan onze fans opgedragen. Direct nadat we de schaal kregen, hebben we dit middels een groot spandoek aan de supporters laten weten. Maar het echte gebaar kwam toen we via onze mediakanalen lieten zien dat de schaal was omgesmolten tot ruim 40.000 kampioenssterretjes die onze seizoenkaarthouders allemaal ontvingen. Het gebaar is met veel trots door onze fans ontvangen. Het succes van deze XXXV-campagne behaalde in Nederland en ver over de grenzen de media, waarmee we ook een belangrijke stap in onze internationale ambities hebben gezet.

Terugkijkend op het seizoen was het voor mij, samen met mijn collega-directieleden een behoorlijk uitdagend seizoen. We liepen veel inkomsten mis als gevolg van de coronacrisis maar bleven onze ambities voor ogen houden. We maakten voortdurend afwegingen, er moesten tal van beslissingen worden genomen, zonder dat we wisten hoe de wereld er de maanden daarna uit zou zien. In dit jaarverslag zal zichtbaar zijn dat het weliswaar goed gaat met onze club, maar dat de coronacrisis veel invloed heeft gehad op het boekjaar 2020-2021.

Edwin van der Sar

Algemeen directeur AFC Ajax